Ervaringsverhaal Rita Versteeg

Rita Versteeg

Rita Versteeg (54) heeft de Ziekte van Buerger. Omdat die ziekte maar heel weinig voorkomt, duurde het zestien jaar voordat de diagnose werd gesteld.

“De laatste keer dat de ziekte echt opvlamde was in 2003. Ik was toen een avondje op een bruiloft waar gerookt werd. Een paar dagen later was het mis. Ik kon niet meer lopen en de huid op mijn benen was zo gevoelig dat ik niet eens een broek kon dragen.

In 1974 kreeg ik voor het eerst klachten van wat later de Ziekte van Buerger bleek te zijn, een auto-immuunziekte waarbij de bloedvaten gaan ontsteken. Ik kreeg destijds een aderontsteking in mijn enkel die steeds erger werd. Lange tijd werd het probleem niet onderkend. Pas in 1990, toen ik ook problemen aan mijn andere been kreeg, werd de  diagnose gesteld. Het is niet zo gek dat het zo lang duurde, want de Ziekte van Buerger is heel zeldzaam. Er zijn ongeveer maar tweehonderd patiënten in Nederland bekend. De ziekte heeft een grote invloed op mijn leven gehad. Ik was erg moe en had altijd pijn waardoor ik mijn werk als secretaresse niet meer kon doen.

Ook hebben mijn man en ik besloten kinderloos te blijven, omdat ik medicijnen slikte die niet goed samen gingen met een zwangerschap. Verder moet ik er altijd op letten dat ik niet op een plek kom waar wordt gerookt. Ik ben in de loop van de jaren erg op mezelf teruggeworpen. Dat is zo gegroeid. Ik doe wel veel vrijwilligerswerk. Ik vind het belangrijk om de nadruk te leggen op wat ik wél kan en niet op wat ik niet kan. Ik heb twee honden waarmee ik shows en hondentrainingen doe. Dat is mijn lust en mijn leven. Als klein meisje was ik al dol op honden. Voor mijn lichaam is het goed dat ik veel wandel en dat doe ik met mijn honden. Dat is een mooie combinatie.”