MRI

U krijgt een MRI-scan. Bent u bang, teleurgesteld of opgelucht? Waarschijnlijk van alles een beetje.

Dit onderzoek geeft informatie die uw arts nodig heeft om te bepalen:

  • wat er met u aan de hand is (de diagnose)
  • welke behandeling nodig is

Wat is MRI?

Bij MRI wordt gebruik gemaakt van een sterke magneet waar een smalle tunnel omheen gebouwd is. Deze tunnel is aan beide kanten open.

De MRI-scan maakt gebruik van sterke elektromagnetische straling. Deze straling is niet gevaarlijk. Er wordt geen röntgenstraling gebruikt.

Wat ziet de arts?

Uw arts ziet met een MRI-scan beschadigingen en/of afwijkingen aan uw:

  • organen (hersenen, hart, maag, lever, nieren, darmen)
  • bloedvaten (dan heet het onderzoek een MRA-scan)
  • botten
  • spieren
  • pezen
  • zenuwen

Wie mogen niet in een MRI-scan?

Personen met een pacemaker of ICD. Door de sterke magneet raken pacemakers en ICD's ontregeld.

Overleg met uw arts als u:

  • last heeft van claustrofobie (angst voor kleine ruimtes)
  • u een metalen voorwerpen in uw lichaam heeft, zoals vaatclips of kunstkleppen.
  • u zwanger bent

Uw arts beoordeelt in bovenstaande situaties of een MRI veilig voor u is. Als u erg angstig bent, krijgt u mogelijk een rustgevend medicijn.

Voorafgaand aan de MRI-scan

U mag gewoon eten en drinken tenzij uw arts anders voorschrijft. U mag geen metalen voorwerpen dragen, zoals brillen, sieraden, piercings, beugels en metalen gebitsprotheses.

Tijdens de MRI-scan

U ligt 30 tot 60 minuten stil op een tafel die in de smalle tunnel geschoven wordt. Het deel van uw lichaam dat gescand wordt ligt in het midden van de tunnel

Tijdens het onderzoek:

  • hoort u harde ratelende geluiden
  • krijgt u een koptelefoon op voor de aanwijzingen van de onderzoeker
  • houdt u een 'nood-knop' vast, die u alleen gebruikt als u echt in nood bent

U krijgt soms een infuus met contrastvloeistof. U voelt de prik van het infuus.

Na de MRI-scan

Na de MRI mag u meestal weer naar huis. U maakt een afspraak met de arts om de uitslag te bespreken.